Bouwplaat

Wil je zelf aan de slag gaan en onze prachtige Sint-Katharinakerk zélf bouwen? Dan kan je bij de dienst Toerisme de bouwplaat van de kerk kopen. Deze kartonnen bouwplaat laat je toe om met eenvoudige materialen zelf de kerk in elkaar te knutselen. Hieronder geven we een aantal tips en tricks mee die je kunnen helpen in dit proces.

De bouwplaat bestaat uit zes vellen A3 en een beknopte handleiding. Opgelet: de maquette die in de infocontainer staat is op formaat A1 en dus beduidend groter dan de te koop aangeboden versie! De bouwplaat is voor 7 euro te verkrijgen bij de dienst Toerisme.

Een aantal algemene tips:

  • Het is belangrijk dat je op voorhand alle vouwlijnen ‘rilt’ (aangegeven met stippellijn). Eigenlijk maak je daarbij met een bot voorwerp een groef op de plaatsen waar je moet vouwen. Zo zorg je voor een nette vouwlijn. Je kan hier bijvoorbeeld de achterkant van een botermes voor gebruiken of een voorwerp met scherpe punt. Zorg ervoor dat het niet té scherp is, je wil ook niet door het papier gaan.
  • Het rillen doe je best vooraleer je de stukken uitsnijdt. Dat werkt iets makkelijker.
  • Voor het uitsnijden gebruik je best een zeer scherp voorwerp: een hobbymes, een breekmes,… Een schaar zou ook kunnen, maar hiermee is het moeilijker om zeer fijn te werken.
  • Een lat is ook een handig hulpmiddel. Gebruik hiervoor een metalen exemplaar of een met een metalen randje.
  • De ideale lijm om de bouwplaat in elkaar te zetten is boekbinderslijm. Deze vind je in de meeste kopie- en hobbywinkels. Deze lijm breng je aan met een fijn penseel en droogt zeer snel en zeer sterk. Algemeen geldt voor lijm: hoe dunner en egaler je lijmlaag, hoe beter de lijm plakt.
  • Wissel regelmatig eens af: een paar stukken uitsnijden, een paar stukjes verlijmen,…
  • Je lijmt best in fases. Als je een bepaald stuk hebt gelijmd, laat je dat even rusten en werk je verder op iets anders. Zo geef je de lijm maximaal de kans om uit te harden. Hoe meer lijm je aanbrengt, hoe slapper het karton ook tijdelijk wordt door het vocht in de lijm. Het even laten drogen, helpt het bouwproces.
  • De bouwplaat bestaat uit karton. Dit maakt dat je soms wat zal moeten passen en meten om alles mooi te laten passen, afhankelijk van hoe recht alles geplakt is bijvoorbeeld. Je kan gelukkig altijd gemakkelijk stukjes bijwerken/bijknippen.
  • Zorg ervoor dat je stukken altijd even ‘droog’ in elkaar past. Zo zie je hoe de stukken precies in elkaar passen en kan je bekijken hoe je best begint te lijmen.
  • Weet je niet of je heel de bouw ziet zitten? Je kan altijd starten met de toren en die volledig maken. Dan heb je alvast een mooi eindresultaat. Het schip kan je dan later nog altijd toevoegen.

Een paar specifieke tips:

  • De ‘bol’ van het dak plakken is een grote uitdaging. Maar als je dit stapsgewijs aanpakt, is ook dit perfect te doen. Begin onderaan met de eerste twee ‘lipjes’ te verlijmen. Zo kan je al vier clusters maken. Die zet je dan vervolgens weer aan elkaar met de onderste twee lipjes. Laat dat een tijdje drogen en kom later terug om opnieuw een paar lipjes te verlijmen. Zo werk je stapsgewijs de bol af en krijg je een mooi eindresultaat.
  • De bovenkant van de luchtbogen (waar ze het kerkschip raken) voorzie je ook best van een dotje lijm. Deze zal je dan wel even op hun plaats moeten houden terwijl het droogt.

Er slopen jammer genoeg een paar kleine foutjes in de druk. Ze vormen echter geen onoverkomelijk probleem.

  • Het tussenstukje tussen de grote ‘bol’ van het dak en het kruis telt slechts zeven kantjes in plaats van acht. Je kan echter één kantje van het reserve-exemplaar toevoegen en zo het tussenstuk achtkantig maken.
  • De nummering van de dakjes van zijbeuken kloppen niet helemaal. Maar er zijn voldoende exemplaren beschikbaar in de bouwplaat. Je zal mogelijks wel een aantal van de reserve-exemplaren moeten gebruiken.
  • Een van de steunberen van transept (I1 of I2) is iets te kort. Je kan echter zelf een passend exemplaar maken van een van de reserve-steunberen.